4 mei 2009

Edgar Hilsenrath moet je lezen


Georges Leekens, trainer van voetbalclub Lokeren, heeft voor het geld gekozen en is naar Saoedie-Arabië vertrokken. Aleksandar Jankovic volgt hem op. Jankovic? Die naam doet bij mij een belletje rinkelen.
Lees meer...

Edgar Hilsenrath voert in zijn boek 'De thuiskomst van Jossel Wasserman' ene Sjmoeël Jankovic op. "Toen ik de laatste keer in Pohodna aankwam, stonden alle belangrijke mensen op het perron. De rebbe was er met zijn aanhangers… Ook de rijken waren er, veehandelaar Sjmoeël Jankovic bijvoorbeeld, die een groot huis heeft en zelfs een rozentuin, waar de rebbe en zijn aanhangers vaak gaan wandelen…" Jankovic was rijk, maar niet belangrijk. Dat was de rebbe, de plaatselijke rabbijn.

Pohodna ligt in de Bukovina, een landstreek in Oost-Europa die nu deels in Roemenië en Oekraïne ligt, maar oorspronkelijk bij Moldavië hoorde, dat zelf afhing van het Ottomaanse rijk. In 1775 annexeerden de Oostenrijkers het. Tot aan de Tweede Wereldoorlog was de Bukovina een etnisch lappendeken: behalve de oorspronkelijke Roemenen, woonden er ook Oekraïners, Duitsers, joden, Hongaren, Polen, Armenen, Slovaken, Grieken, Turken en Roma.

Ik ben de wereld van Edgar Hilsenrath binnengetreden via 'De nazi en de kapper'. Een collega raadde me het boek aan. Ik raakte zeer onder de indruk van het verhaal van de jonge nazi die de identiteit aanneemt van een joodse jeugdvriend die hij eerst zelf naar de gaskamers leidt.

Daarna maakte ik kennis met 'Nacht', de eerste en voor mij meest aangrijpende roman van Hilsenrath. Bladzijde na bladzijde leven en overleven we in het getto, om finaal toch ten onder te gaan, tergend langzaam, samen met de jonge Ranek.

'De thuiskomst van Jossel Wasserman' is dan weer een vat vol verhalen uit de verdwenen wereld van de Oost-Europese joden, die Hilsenrath leerde kennen toen hij toen hij met zijn moeder op het einde van de jaren dertig uit Duitsland vluchtte.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen